Supboards, een overzicht

Suppen is inmiddels geen onbekend fenomeen meer en met het groeien van de sport neemt ook het aantal disciplines binnen de sport toe. Hier lees je welke disciplines er zijn en welk board daarvoor geschikt is.

Supboards zijn er in vele maten en soorten. In een vorig artikel gewijd aan de keuze van je eerste supboard kun je lezen welk board voor jouw geschikt als je wilt beginnen met suppen.

Het artikel begint als volgt:

Eerst even wat achtergrondinformatie. Wat je misschien niet weet is dat het suppen oorspronkelijk vanuit het surfen ontstaan is en eigenlijk een soort omgekeerde evolutie heeft meegemaakt. Oorspronkelijk waren er de extreme vormen van suppen in hoge golven, de downwinders, de channel-crossings. Zodra het aansloeg bij de eerste fanatiekelingen kwamen er ook wedstrijden met de bijbehorende ontwikkeling van diverse shapes. Daarna waren de eerste jaren van het suppen vooral een leuke afwisseling voor windsurfers en surfers en maakte de sport bij het grote publiek een matige groei door. Winkels en merken konden volmondig roepen dat het de snelst groeiende watersport ter wereld was maar die claim was niet zo moeilijk te maken omdat er weinig was om mee te vergelijken. Het suppen werd pas echt populair met de komst van opblaasbare boards, inflatables. De markt voor supboards werd zo ineens een stuk groter omdat niemand meer beperkt werd door bergruimte en transportproblemen. Inmiddels gaat de populariteit van de sport door het dak en dat groeit nog wel even door. De kans is dus groot dat het board waar jij voor het eerst op stond eigenlijk als laatste ontwikkeld is in het rijtje van verschillende soorten, shapes en disciplines zoals wave, Long distance, downwinders en race.

Aan de randen van dit scala vind je alle overige boards die min of meer gespecialiseerd zijn voor de overige disciplines zoals Touring, Downwinders, Windsurfsup, Kids, Yoga, Wildwater, Tandem, Race en Surf. Er zijn zelfs supboards speciaal ontwikkeld om te gaan hengelen.

In dit artikel gaan we iets dieper in op de verschillende soorten boards.

 

Allround boards

Allround-board zijn met name geschikt voor de gemiddelde supper en zijn tussen 11’6” (3.50 m) en 12’6” (3.81 m) lang bij een breedte van ongeveer 33’ (84 cm). Het volume ligt tussen 300 en 340 liter en is gelijkmatig verdeeld voor zekerheid en stabiliteit, iets wat elke beginner en recreatieve supper kan waarderen. Deze boards zijn uitgerust met een elastisch net voor je slippers, je bidon en andere items die je graag mee wilt nemen op je trips. Ze hebben weinig tot geen rocker (zie uitleg hier onder) om de supper voldoende glide te garanderen, ofwel voldoende snelheid per peddelslag.

 

 

Touring boards

Een touringboard is voor een gemiddelde supper een prima keuze. Deze boards zijn smaller en iets langer dan allround boards. Dat maakt ze een fractie instabieler maar daarentegen peddel je makkelijker langere afstanden. Deze boards zitten tussen allround boards en raceboards in en met efficiënte shapes zijn ze echte kilometervreters. De shapes zijn veelal afgeleid van raceboards, met soms uitgekiende complexe bodemvormen. Touringboard zijn vrijwel standaard voorzien van een bagage optie in de vorm van een elastisch net wat ze uiterst geschikt maakt voor lange trips, excursies en zelfs meerdaagse vakanties.

Raceboards

Ga je dan nog smaller en langer dan kom je vanzelf uit bij raceboards. Het primaire doel is snelheid en zoals ze zeggen; lengte loopt. Daarbij levert elke cm extra aan breedte extra weerstand op dus hoe smaller hoe sneller. De minimale breedte bevind zich momenteel rond 21’. De maximale lengte van raceboards is 14’. Deze maximale maat is afgesproken door de industrie om een gelijk speelveld te krijgen maar tevens om de ongemakken voor de professionele atleten tijdens transport te beperken. Waar de allround boards vooral gelijkenis vertonen met outlines en shapes van originele surfboards, zo lenen raceboards vooral veel van de zeilwereld waar “displacement hulls” (zie uitleg hieronder) de norm zijn. Deze discipline is de formule 1 van het suppen en is de aangever van nieuwe ontwikkelingen zoals dug-outs, boxrails en concaven. Eigenlijk zijn al deze design-elementen ontwikkeld om bij het terugbrengen van de breedte de supper nog enige vorm van stabiliteit te geven waardoor deze zijn kracht nog voldoende kwijt kan zonder al te veel op zijn balans te moeten letten.

 

 

Een dug-out is een verdieping in het dek, een soort kuipje. De gebruiker staat zo lager, dichter bij het wateroppervlakte waardoor het board minder de neiging heeft om te kantelen. Om te voorkomen dat het kuipje volloopt met water is het board voorzien van drain-holes, gaten in de bodem vlak boven de waterlijn.

 

Open oceanboards

Een afgeleide van raceboards zijn open oceanboards. Aanvankelijk begon de ontwikkeling van raceboards bij de verschillende merken met één shape. Ondanks verschillende interpretaties was men vooral bezig een optimale shape te ontwikkelen voor ideale omstandigheden, dat wil zeggen; windstil en vlak water. Al snel werd duidelijk dat zulke boards lastig te peddelen waren bij meer wind en golven. De racer was meer bezig met balans dan met een effectieve peddelslag. Zodoende kwam er een tweedeling in de ontwikkeling van de raceboards met aan één kant de high-end raceboards voor vlak water en aan de andere kant de aangepaste raceboards voor golven en wind. Met meer volume in de neus, iets meer rocker (zie uitleg hieronder) en iets meer breedte zijn deze boards sneller te peddelen in uitdagende omstandigheden dan de volbloed raceshapes. Ook bij deze boards zien we tegenwoordig meer dug-outs.

Het ontwikkelen van raceboards is dus eigenlijk een permanente zoektocht naar de balans tussen zoveel mogelijk glide en een voldoende mate van stabiliteit.

Unlimited

Maak je een board nog langer dan 14′ dan kom je uit bij de Unlimited klasse. Dergelijke boards worden ingezet in extreme downwinders. Supersnel met extreem veel glide, vaak voorzien van een stuursysteem welke je met je voet kunt bedienen. Geschikt om van golf naar golf te sturen om zoveel mogelijk profijt te hebben van de swell op open water. Niet geschikt voor recreatief gebruik en vooral gebruikt door profs bij prestigieuze wedstrijden zoals de chanel-crossings in Hawaii.

 

Windsurfsups

Dit zijn boards met een extra insert waar je een mastvoet in kunt draaien zodat je er ook mee kunt windsurfen. Vaak terug te vinden op allround inflatables en hardboard wavesups. Ideaal dus voor gebruikers die al in het bezit zijn van windsurfmateriaal en ook met minder wind plezier op het water willen hebben. Sommige windsups zijn voorzien van een extra vinkast om afdrijven te voorkomen. Soms wordt een bestaande shape zoals b.v. wavesups voorzien van deze extra optie maar soms worden ook boards speciaal ontwikkeld voor gebruik als sup en windsurfboard.

 

Supboards voor kinderen

Dit zijn boards die in maat aangepast zijn. Dus minder volume, minder breed en minder smal. Met name de breedte kan voor kinderen lastig zijn als ze op een grote mensenboard staan. Ze kunnen dan de peddel niet verticaal insteken om goed rechtuit te peddelen. Vooral de jongere kinderen zijn licht van gewicht en staan vrijwel direct stabiel op een board en missen zo een deel van de beleving en uitdaging. Ook stepturns zijn voor kinderen beter te leren als het board aangepast is op hun gewicht.

 

Yoga supboards

Deze komen eigenlijk nog het meest overeen met gewone beginnerboards. Het is een discipline die misschien niet veel aandacht krijgt maar die inmiddels een vaste schare aan enthousiaste beoefenaars heeft. De instabiliteit van het board en het buiten zijn geeft je gebruikelijke yoga oefeningen een extra dimensie. Deze boards hebben vaak extra opties voor het bevestigen van je peddel, handdoek en bidon. Vaak ook met een extra sleepoog om je board te bevestigen aan een dock. Dit is een stervormige inflatable basis waar je je board aan bevestigd om te voorkomen dat je wegdrijft van je groep. Inmiddels biedt men ook yoga matten aan die eigenlijk niets meer zijn dan rechthoekige inflatable volumes waarbij het peddelen geen optie meer is.

 

 

Wildwatersups

Dit zijn specialistische boards waarmee je snelstromende rivieren af kunt peddelen. Vaak zo specialistisch dat ze alleen worden aangeboden op locaties waar je ze kunt gebruiken. Ze zijn kort en breed me veel volume en extra versterkt om alle klappen op te vangen van rotsen, stenen en alles wat je in een wildwaterstroom nog meer tegenkomt. De vinnen zijn kort en extra sterk. Zowel in inflatable uitvoering verkrijgbaar alsmede in holle kano bouwwijze. Uitgerust met extra handvaten of lussen om het board snel beet te pakken op ruw water.

 

 

Tandems

Tandems of XL-sups zijn extra grote boards waar je met meerdere mensen op kunt staan. Soms lang en smal, soms kort en breed (relatief gezien). Zeer geschikt voor supscholen die ze gebruiken voor bedrijfsuitjes en teambuilding. Meestal voorzien van extra pluggen voor een mastvoet zodat je er ook nog één of meerdere windsurfzeilen op kunt monteren. Dan kun je deze boards voorzien van een extra vin die je midden onder het board bevestigd.

 

Wavesups

Dit zijn boards die je nog het beste kunt vergelijken met de authentieke golfsurfboards. Je hebt shortboards, allround-wavesups en longboards. De extreemste wavesups hebben zo weinig volume dat je tot je middel wegzakt zodra je er op gaat staan. De enige manier om bij de golf te geraken is dan liggend op je buik op het board met de peddel tussen je board en je buik. Deze boards hebben meer rocker (zie uitleg hieronder) en hebben op vlak water niets te zoeken. De extra kromming is nodig voor extra zekerheid te geven bij het indroppen en het sturen op de golf. Een board zonder kromming zou direct met zijn neus in het water boren en is moeilijk te sturen. De boards zijn korter zodat de supper optimaal kan sturen door gewichtsverplaatsing, niet alleen van links naar rechts maar ook van voor naar achteren. Voorzien van meerdere vinnen (zie uitleg hieronder) voor meer grip en drive.

 

 

 

Longboards

Dit zijn wavesups maar dan langer, met minder kromming en met een meer gestrekte outline. Bedoeld voor minder stijle golven met minder push en geschikt om snel de energie van een golf op te pakken en om te zetten in snelheid. Deze boards hebben een vrij conventionele vorm en lijken nog het meest op authentieke surfboards. In tegenstelling tot de korte wavesups voorzien van een enkele vin.

 

 

 

 

Hardboards versus inflatables

Voor elke discipline bestaat  inmiddels wel een inflatable variant, zelfs voor wavesup. Elke bouwwijze heeft uiteraard specifieke voor- en nadelen met betrekking tot de vorm en functie van een board. Een beginner of een recreatieve supper is vooral gebaat bij stabiliteit en duurzaamheid. Dat de populariteit van het suppen pas echt door het dak ging met de komst van inflatables is niet verwonderlijk. Prijs, duurzaamheid en gemak zijn doorslaggevend bij de aanschaf van een board bij beginners en recreatieve gebruikers. De shape is minder belangrijk tijdens het maken van je eerste meters en bij het leren van een juiste peddelslag. Een racer daarentegen wil vooral maximale prestaties zonder compromissen.

Een inflatable board begint bij fabricage als twee pvc lagen, bijeen gehouden door duizenden draadjes. Bij de premium merken vind je meer draadjes per oppervlakte, betere verlijming en soms ook V- of X-vorige constructies. Alles om de doorbuiging te verminderen en zo de performance van een board te verbeteren. Hier onderscheiden de betere boards zich duidelijk van budgetboards.

 

Een dergelijke constructie laat helaas (nog) weinig variatie toe in rocker, volumeverdeling en de vorm van de rails, allen van aanzienlijke invloed op de prestatie van een board en geven het board specifieke kenmerken zoals glide en wendbaarheid. De verschillende inflatables onderscheiden zich in grote lijnen alleen door outline, meer of minder versterkingen, grip, pads en kleur en prints.

Hardboards daarentegen ontstaan uit een blok schuim welke door een shaper machinaal (CNC) of handmatig minutieus geshaped worden tot een optimaal gedetailleerde vorm. Rails, rocker, volumeverloop, bodem en deck precies gevormd naar de toepassing van het board. De afwerking bestaat uit één of meerdere lagen glasweefsel, carbon of een combinatie daarvan. Soms enkellaags, soms in sandwich voor meer stijfheid. Het leidt geen twijfel dat deze constructie een voorkeur heeft bij de gevorderde supper die gebaat is bij performance. Deze boards bieden onovertroffen prestaties in de golven en op de wedstrijdbaan.

 

Rocker

De buiging, ofwel kromming van een board. Minder kromming staat voor meer glide, meer snelheid op vlak water maar maakt een board ook minder wendbaar. Rocker kan in vele vormen in een board verwerkt worden bijvoorbeeld door het gelijkmatig te verdelen over de gehele lengte, of door een board veel rocker in de neus te geven in combinatie met weinig achterin, dat soort opties dus. Rocker voorin laat een board minder snel duiken maar geeft het board ook minder lengte in het water, dus minder glide (lengte loopt). Rocker achterin maakt een board wendbaarder maar ook langzamer. Een shaper zoekt altijd naar een ideale samensmelting van alle variabelen die mogelijk zijn in een board. Een V-bodem kan bijvoorbeeld recht zijn over de centerlijn in combinatie met rocker aan de zijkant.

 

Volume

Meer volume maakt een board stabieler. Teveel volume maakt een board ook log en minder wendbaar. De verdeling van het volume is belangrijk om het board bepaalde eigenschappen mee te geven. Volume voorin laat het board minder snel in het water duiken, ideaal voor een board op ruw water dus. Volume gelijkmatig verdeeld over de lengte en breedte geeft een beginner meer zekerheid bij gewichtsverplaatsing. Als een board erg dik is in verhouding tot de breedte zal het instabieler worden. Dat is de reden voor het ontstaan van de dag-outs in raceboard.

Veel merken ontwikkelen een bepaalde shape voor een specifiek doel, denk aan wavesups. Zo’n high-end shape werkt eigenlijk alleen optimaal wanneer het volume past bij de gebruiker. Daarom wordt zo’n model aangeboden in verschillende volumes.

 

Planeerbodem versus “displacement hull”

Een vlakke bodem noem je een planeerbodem en laat het board glijden over het water. Wanneer de supper naast zijn peddel geholpen wordt door de energie van golven zijn hogere snelheden haalbaar en is een planeerbodem essentieel. Hoe hoger de snelheid hoe meer lift en hoe minder weerstand. Breedte en volume zijn dan doorslaggevende factoren. Planeerbodems zijn een no-brainer bij wavesups, longboards, downwindboards maar ook bij de minder geavanceerde boards waar stabiliteit voorop staat.

Een displacement hull is een bodemvorm die in meer of mindere mate rond is. Wanneer een supper alleen op vlak water peddelt dan is hij zelf verantwoordelijk voor zijn voorstuwing en wil je zoveel mogelijk glide per slag. Dan is een waterverplaatsende bodem het meest efficiënt. Een dergelijke bodemvorm is snel bij relatief lage snelheden maar een ronde bodem heeft als nadeel dat het een board instabiel maakt. Bij raceboards zie je daarom complexe bodemvormen die een combinatie zijn van rondbodems en planeerbodems, soms voorzien van extra concaven of steps. Alles bedoeld om maximale snelheid te verkrijgen bij net voldoende stabiliteit.

 

Outline

De outline is wat je ziet als je een board van bovenaf bekijkt en is mede bepalend voor de eigenschappen van een board. Lang en smal staat voor snelheid en kort en breed voor wendbaarheid. De effectiviteit van planeerbodems worden grotendeels bepaald door de outline, de verdeling van breedte van voor tot achter gezien. Breedte in een board zorgt ook voor stabiliteit. Smalle boards zijn zoals je mag verwachten instabieler. Een brede, ronde neus zorgt ervoor dat een board minder snel duikt, veelal gebruikt in combinatie met extra rocker. Een smalle neus zorgt voor meer glide en dat weer in combinatie met minder rocker.

 

Rails

Rails zijn de zijkanten van je board. Ronde rails geven je wendbaarheid en hoekige of “harde” rails houden je board in een rechte lijn. Bij wavesups ligt een groot deel van de performance verscholen in de vorm van de rails. Rond is niet zomaar rond in deze categorie, het breedste punt kan hoger of lager liggen in de curve van de rail. De radius kan klein of groot zijn, ofwel dunne of dikke rails. Ook het verloop van voor naar achteren geeft een bepaalde dynamiek die bepalend is voor het karakter van een board. Dunne rails laten een board wat dieper “graven” in een bocht en geven in algemene zin wat meer houvast, waardoor je wat kortere bochten kunt maken. Daarentegen bieden dikkere rails meer volume wat zorgt voor meer stabiliteit. De afweging is dus wendbaarheid versus stabiliteit.

Bij raceboards speelt nog wat anders mee. Deze boards zijn extreem smal en hebben hoge, hoekige rails. De rails bieden samen met de dug-out voldoende stabiliteit waardoor het board stabieler is dan het door zijn uiterlijk doet vermoeden. Wanneer het board kantelt bieden de hoge hoekige rails weerstand en geven zo tegendruk. Snelheid op het rechte eind is ook vele malen belangrijker dan wendbaarheid.

 

Vinnen

De vin-setup wordt vaak over het hoofd gezien en voor lief aangenomen maar heeft toch een aanzienlijke invloed op de prestatie van een board.

Wavesups zijn veelal voorzien van meerdere vinboxen en laten meerdere configuraties toe. Een langere middenvin met korte sidefins geeft meer drive in bochten ofwel meer acceleratie in de bocht en laat het board wat losser lopen. Een korte middenvin in dezelfde setup geeft meer wendbaarheid en een iets meer “mellow” gevoel van het board.

Bij touring- en raceboards geeft een lange vin met veel oppervlakte meer stabiliteit maar is over lange afstanden ook iets langzamer. Een racer zoekt daarom altijd naar de juiste afweging voorafgaand aan een race.

In algemene zin is een kromme vin wendbaarder dan een gestrekte vin.

Overige SUP TALK items

Contactformulier